Saturday 30 August 2008
Friday 29 August 2008
29 augustus 2008
Wednesday 27 August 2008
27 augustus 2008
In willekeurige volgorde.
-Jack In The Box: Een fastfoodketen door heel Amerika. Borden op palen. De gewoonte is dat als iemand zo'n bord ziet, diegeen zo hard mogelijk JACK IN THE BOX! schreeuwt. Dit niet altijd tot plezier van de ander. Geen idee meer hoe de hamburgers smaakten. Niet uitgesproken vies in ieder geval.
-Diary Queen oftewel de DQ: de fastfoodketen van Texas, maar ook elders te vinden. Het kan de jet leg zijn maar ook hiervan weet ik niet meer hoe de hamburger zich onderscheidde van andere hamburgers.
-Wendys: De hamburger zelf is hier vierkant, het broodje rond. Voor de rest niet heel veel anders dan de bovenstaande hamburgers.
-Arby's: de afbeelding van de hamburger boven de counter was zo weerzinwekkend dat we deze hebben overgeslagen. Een stapel dunne plakjes vlees in plaats van een hamburger.
-Denny's: een fastfood keten met bediening. Hier kan een goede hamburger gegeten worden.
- McDonald's: Om te kijken of de hamburger hetzelfde is als in Nederland. Jawel. Vreselijk om te moeten bekennen dat dit toch de ultieme fastfood hamburger is. We zaten in de Mc Donalds van Roswell, de plaats waar volgens velen een buitenaards ruimteschip is neergestort. De McDonald's was dan ook toepasselijk in de vorm van een UFO.
De lekkerste hamburgers aten we in kleine cafe's zoals in Marathon en Utopia, allebei in Texas. Huisgemaakte hamburgers in plaatselijke restaurants onder opgezette dierenhoofden.
Het meeste van Amerika heb ik gezien in kleine stadjes.
Tot zover.
Zo nu en dan zal ik op de reis terugkomen in liedjes en tekeningen en weblog.

nieuwe foto's
Monday 25 August 2008
25 augustus 2008
We rijden door droge nare bergen naar het plaatsje Ballarat. Er woont 1 man. Rock Novak . Vanuit daar rijden we een lange nog drogere zandweg op met een stofwolk achter ons aan. Over de Goler Wash, rijden we de canyon in. Het pad kronkelt en hobbelt verder en verder over rotsen en door stroompjes. Totdat het mij een beetje overantwoord voorkomt. Als de auto het hier begeeft, en dat lijkt me niet onwaarschijnlijk, doen we minstens een dag over de wandeltocht in de zengende hitte naar die ene man in Ballarat. Maar als we bedenken dat de Family dezelfde tocht met een oude schoolbus heeft gedaan gaan we door. Met het moeilijker worden van de weg wordt mijn gevoel steeds ongemakkelijker.
Eindelijk zien we een paar caravans en wat huisjes. We stappen uit en gaan kijken. Het huisje in. Er liggen matrassen van mensen die hier wel eens kampeerden, een koelkast en oude deur met daarop de tekst "Warning keep out, trespassers will be shot". Overal zitten kogelgaten. Boze bezoekers hebben de boel behoorlijk vernield. Wondelijk om te bedenken dat ze hier met heel de Family in die kleine huisjes hebben gewoond. Er zitten handafdrukken in het cement bovenaan een trapje. We ontdekken het badkamertje waar Manson zich in een kastje schuilhield toen de politie hier naar hem op zoek was.
Het bouwval illustreert het ontwaken uit de hippie droom. Op iets te jonge leeftijd heb ik het boek van aanklager Vincent Bugliosi over de Manson moorden gelezen. Sindsdien spookt die man zo nu en dan door mijn hoofd. Het bezoek aan de ranch maakt dit alles op de een of andere manier iets meer te behapstukken.
Nu in een hotel in de buurt van San Francisco. Op internet lees ik dat de Barker Ranch een paar honderd meter verder ligt. Vorige bezoekers vonden de reis ernaartoe waarschijnlijk ook wel welletjes en hebben deze ranch gebombardeerd tot Barker Ranch en hun sporen achtergelaten.
Nou ja, wat ik er te zoeken had heb ik gevonden. Al die narigheid zit nog steeds in de gevangenis en de weg naar de 'Barker Ranch' was onvergetelijk.
Spoken zijn persoonlijke projecties.

nieuwe foto's
Friday 22 August 2008
22 augustus 2008

nieuwe foto's
Thursday 21 August 2008
21 augustus 2008
Voor de ingang zien we John al zitten voor een typemachine. Op zijn schouders 2 witte handen.
In het museumpje vertelt een mevrouw ons dat John eigenlijk een van de grootste geesten ooit is. De Shakespeare van het spirutalisme. Zo blijken de witte handen engelen te symboliseren die via hem het boek Oahspe geschreven hebben. Een bijbel en een handboek voor het oprichten van idealistische communes. En het boek vermeld voor het eerst het woord 'starship' in de Engelse literatuur, nog voor H.G. Wells en Jules Verne. De starships in Oahspe zijn overleden mensen die zich samen bundelen om ons te helpen; engelen van licht. Wij zien er vaak UFO's in.
John Ballou Newbrough, een vergeten visionair. Alhoewel, na wat gegoogle blijkt de 'Starship bible' oftewel het 'magnum opus of mediumship' in het Nederlands vertaald en heeft zijn aanhangers in Den Haag.
Later lopen we door Taos, een stadje nabij Taos Pueblo, een oude Indiaanse nederzetting. We lopen een winkel in met tweedehands cowboyhoeden en -laarzen. De vriendelijke cowboy-eigenaar stelt zich aan ons voor en babbelt aan een stuk door over hoe narrowminded Amerikanen zijn, dat cowboy-overhemden eigenlijk pearlsnaps heten en over zijn bezoek aan Den Haag. Ook wil hij ons graag zijn favoriete cowboylaarzen laten zien. Hij komt terug met een paar laarzen voor Ilse en mij. De cowboy vertelt over de laarzen en ze geven licht. Engelenlicht. Hoe het komt weten we niet maar we verlaten de winkel met de laarzen aan. Ze zitten als gegoten.

nieuwe foto's
Friday 15 August 2008
15 augustus 2008
Het blijkt makkelijker Amerika uit dan in te rijden. Na twee uur in de rij wachtende auto's zijn we aan de beurt. Ik geef de paspoorten en de man met de zonnebril vraagt of we uit Georgia komen. Dat klopt zeg ik (omdat ik denk dat hij doelt op waar we Amerika in zijn gekomen), terwijl Ilse tegelijkertijd zegt dat we uit Nederland komen. Nu moeten we de auto uit en een hokje in waar alleen maar Mexicanen zitten. Aan de muur hangen foto's van America's most wanted criminals. Ik vertoon opvallende gelijkenis met een man die 2 mensen heeft vermoord, ooit een politieagent ontvoerde en iets heeft gedaan dat ik niet snap. We beginnen ons een beetje zorgen te maken.
Een beambte kijkt lang in onze paspoorten begint dingen over te schrijven. Een ander trekt plastic handschoentjes aan. Het is warm in het hokje. IELSAH! IELSAH! schreeuwt de beambte en Ilse loopt naar hem toe om een minutieus verslag te doen van de redenen van ons verblijf in Amerika en ons overhaaste vertrek uit Mexico. Waarom hebben we niets gekocht in Mexico? Waar slapen we vannacht? Wat zijn we van elkaar? Hoe spreek je de naam van je vriend uit?
Uiteindelijk blijkt het allemaal in orde. Het had niets van doen met mijn boevenbaard of opvallende gelijkenis met de crimineel aan het prikbord. Iedereen die geen American citizen is wordt gecontroleerd. Standard procedure.
Na nog een paar onzinnig ogende formaliteiten krijgen we een stempel in ons paspoort en mogen we verder. Tijdens onze reis worden nog vaker in de buurt van de Mexicaanse grens gecontroleerd door de Border Patrol.
Tuesday 12 August 2008
12 augustus 2008
Nu op reis moeten de overhemden opgevouwen. Dat heb ik nooit geleerd. Daar zijn leuke filmpjes van op internet maar daar heb ik niets aan. Ziehier stapsgewijs het opvouwen van een overhemd in kaart gebracht. Met dank aan Ilse.

Sunday 10 August 2008
10 augustus 2008
Mijn optreden in de Genuine Joe Coffeebar ging om volstrekt onduidelijke redenen niet door. Een beetje nerveus wandelde ik de bar binnen en verwachtte wat herkenning zo met mijn gitaar. De barvrouw vroeg wat ik wilde drinken. Eh, coffee..? Ik rekende af en ik begon zelf maar over het optreden. Ze wist van niets. Vreemd. Als ik wilde kon ik wel wat spelen. Ze houdt van verassingen. Daar moest ik met een kopje koffie over nadenken. Ik deed het niet. De eigenaresse mailde later haar excuses. Over een paar jaar zal de Genuine Joe bekend staan als de bar waar Melle net niet speelde.
Als troost zijn we naar de fameuse Alamo Drafthouse Cinema gegaan. Dark Knight gezien. Een mooie film op de stem van Batman na.

Klik hier voor meer foto's
Friday 08 August 2008
8 augustus 2008
Thursday 07 August 2008
7 augustus 2008
Ik heb me al weken een voorstelling geprobeerd te maken van het bezoek aan Daniel en voel me niet erg op mijn gemak. Ilse heeft 's-ochtends nog een keer met vader Bill gebeld. 'We're looking forward to see you'. Dat stelt me iets gerust.
Daniel komt gelijk naar buiten. Nice car, good seeing you guys. Ik geef hem mijn kado; een ingelijste tractor tekening en hij is er blij mee. Zijn zus zit tussen stapels comics. She's working for me now. Ze is gestopt met haar baan als lerares en sorteert nu Daniels verzamelingen. 'Show them your house, Daniel'. We lopen achter Daniel aan door kamers vol comics, videobanden en speelgoed. Daniel wil ons graag meenemen naar een Mexicaans restaurant in de buurt maar hij mag niet van zijn vader. Iets met Daniels bloedsuikerspiegel. You guys want some root beer? Ik krijg het gevoel dat hij geen idee heeft waarvoor we gekomen zijn. Voorzichtig probeer ik hem te vertellen dat we een liedje gaan opnemen. Hij heeft er geen zin in. En hij moet nog tekenen vandaag. Maybe next year De toch al eigenaardige communicatie met Daniel wordt er door mijn stotteren niet makkelijker op. Hij wil wel naar het liedje luisteren. De eerste keer mompelt hij het refrein al mee. Strange song.
Misschien komt het toch nog goed. Als hij ziet dat ik de opname apparatuur in een klein koffertje heb wil hij meewerken.
Ik sluit de boel aan. Het programma wil niet opstarten. Dingen die ik nog nooit gezien heb verschijnen op het scherm. Daniel staat op om een nieuwe root beer te pakken. Zijn zus vraagt waar ze de Europese comics moet onderbrengen. You guys want some root beer? Wanneer ik mijn USB-stick in de laptop steek start het programma op. Geen idee waarom. Daniel zingt het refrein mee. Hij legt er veel gevoel in. Ik ben opgelucht en Daniel is blij dat het zo makkelijk ging. Omdat ik niet durf te weigeren drink ik mijn vierde root beer. Het spul komt mijn neus uit. You guys want some spaghetti? Nee, nee we hebben net gegeten.
Ilse heeft het opnemen van het liedje gefilmd. Als we terug zijn zetten we het op youtube.
Later in een hotel in Austin luisteren we naar het liedje. Het klinkt prachtig.

Wednesday 06 August 2008
6 augustus 2008
Vriendin Ilse probeert Bill, de vader van Daniel Johnston te bellen om onze afspraak te bevestigen. (Daniel woont bij zijn ouders.) De hoteltelefoon geeft geen gehoor. Ik loop naar de receptie om te vragen wat we verkeerd doen. De receptie is een klein benauwd hokje dat naar kamfer en tandoori ruikt, zoals alle motel-recepties tot nu toe. Wat blijkt; met de hoteltelefoon kan je alleen lokaal bellen. Morgen ergens anders proberen dus.
De volgende ochtend blijkt het vooral te regenen. We stappen in onze Dodge en rijden naar de Walmart. Toe nu toe is het brood zoet en slap als een washand, maar hier vinden we een ongesneden brood dat wel eens lekker zou kunnen zijn. We kopen een broodmes en een snijplank. Er is ook een openbare telefoon. Ik ga geld wisselen. De kassa blijft hangen en de service medewerker roept door een microfoon om hulp. Er komt iemand aanlopen, ze is niet groter dan mijn hand. De sleutel sleept ze mee op haar rug.
Ilse die bij de telefoon zit maakt haar eigen surrealistische avontuur mee; een jongen groter dan de frisdrank-machine loert lange tijd naar de Mountain Dew. Uiteindelijk haalt hij het blikje eruit. Hij schud en neemt een klein slokje, schud opnieuw en neemt weer een klein slokje. Telkens vertrekt zijn gezicht wanneer hij het schuim luidruchtig opslurpt.
Ilse krijgt uiteindelijk Bill aan de telefoon. Bill is wat bang van Edouard en vraagt of we hem morgen terug kunnen bellen. Best. We rijden toch naar Waller om alvast te zien waar Daniel woont. Niemand kan ons vertellen waar de straat is. Wel is iedereen, maar dan ook iedereen, erg aardig. Voordat ik naar Amerika ging dacht ik dat dit louter beleefdheid was, maar nu merk ik dat de mensen oprecht aardig zijn. Bij een bank zoeken ze het adres voor ons op. En wat geweldig dat we uit Holland komen en Ilse heeft ook zo'n mooi horloge! Awesome! We krijgen een uitgeprinte routebeschrijving. Na zoveel vriendelijkheid is het bijna raar om zonder omhelzing te vertrekken, maar we doen het toch.
Zelfs met routebeschrijving blijkt het adres moeilijk te vinden. Achter een spoorweg, langs een fabriek, Daniel is goed verstopt. Nu we weten waar we morgen heen moeten, rijden we naar een hotel in de buurt van Houston. Onderweg eten we het Walmart brood, dat inderdaad lekkerder is dan het brood tot nu toe. Zuur in plaats van zoet. Op de Ipod The Yellow Rose of Texas, het eerste liedje dat ik op de gitaar kon spelen. In ons nieuwe hotel is een fitness ruimte. Na een half uur op de loopband en de crosstrainer is de met ijs uit de ijsmachine gekoelde wijn koel.

Monday 04 August 2008
4 augustus 2008
Daarna rijden we naar onze swamp tour. We sluiten aan bij een enorme grote groep, maar we worden gelukkig verdeeld in kleinere boten. Om de een of andere reden moet ik naast de kapitein zitten. Captain Gary. We varen door de Honey Island swamps en zien krokodillen. Brutus, Willy, the three amigos; Gary kent ze bij naam. Na 2 krokodillen weet ik wel.
Eigenlijk hoopte ik in de swamps een glimp van het Cajun-volkje op te vangen. Een bozige, Franstalige gemeenschap die vriendschap met de indianen heeft gesloten en leuke muziek maakt. Bij hoge uitzondering varen we naar een 'indian village'. Huizen aan het water, alleen bereikbaar per boot. Daar gaan we het hebben denk ik, maar de village blijkt verlaten. De inwonenden zijn op vakantie. Toch is het mooi. Eén van de huizen is te koop en goed betaalbaar omdat de verzekering het niet verzekeren wil omdat bij brand de brandweer niet ter plaatse kan zijn. Even denk ik aan een mooi leven daar met vriendin Ilse maar we varen verder.
Gary wijst naar een huis middenin een grote leegte. Het is het huis van de 70 jarige Bob, door zijn ouders gebouwd en door orkaan Katrina daar neergezet. Er hangen nog foto's aan de muren. Omdat het huis van cipreshout is zal het er nog honderden jaren staan. De tocht eindigt bij de plek waar het huis van Bob voor 2005 stond. Zijn Cadillac staat er nog, bijna verdwenen in het groen.
Bob is bij familie gaan wonen.

Sunday 03 August 2008
2 augustus 2007
Ik ga even zwemmen in het hotelzwembad.
Nee toch maar niet.
Het zit vol enge Amerikanen. Ik voel met niet zo goed in m'n zwembroek.
Nou ja.
In Quitman hebben we een kabel voor de Ipod gekocht. In Natchez zijn we langs de Mississippi gelopen. De volgende ochtend via de highway 61 naar New Orleans gereden. Een stuk beter dan de Interstate 10; meer zoals ik me Amerika voorstel.
Op de Ipod 'highway 61' van Bob Dylan. Maar The Band werkt hier het best. Er zit volgens mij iets in die muziek dat over het landschap gaat. Om te huilen zo mooi.
Zojuist vrienden gemaakt met een klein zwart katje dat achter me ligt te slapen.
We hebben er een nacht bijgeboekt.

Friday 01 August 2008
31 juli 2008
Ik land met vriendin Ilse in Atlanta. Mijn gitaar kan gewoon mee als handbagage. Het was de laatste vlucht van Stewardess Rhonda na 37 jaar. De piloot houdt ter ere van haar afscheid een toespraak. Eerst moet Rhonda ervan huilen, later huilt het hele vliegtuig mee. Na afloop klappen en schreeuwen we voor Rhonda.
De douane in Amerika is heel gewoon.
In onze 1e hotelkamer zit een beest. Een mot in een te groot muggenpak. Doodeng. Ik probeer een beker over het beest te schuiven, maar het gigantische achterlijf krijg ik niet onder de rand. Met de hotelreglementen schuif ik het trillende onderlijf van het krijsende beest onder de beker, en gooi met een schreeuw het geheel door de deur naar buiten. Dan proberen we te slapen maar door het lawaai van de ijsmachine kunnen we elkaar niet verstaan, laat staan slapen. Vriendin Ilse regelt een anderen kamer.
De volgende dag halen we de huurauto op. Een blauwe Dodge. Een prachtding. We rijden van Atlanta, Georgia naar Tuscaloosa in Alabama, dit alles omdat Townes van Zandt een liedje waar Tuscaloosa in voorkomt geschreven heeft.
'I came of age and I met a girl
in a Tuscaloosa bar
She cleaned me out and hit it on the sly
I tried to kill the pain
I bought some wine and hopped a train
It was easier than just waiting around to die'
Bij Meridian, Mississippi gaan we de interstate af. Via kleine weggetjes langs trailerparken. Eindelijk in Amerika. Nu met een glas wijn op een broeierig balkon van een motel in Quitman, Mississippi.



